Ik wil naar de kapper!

Ik wil naar de kapper!

Ik wil naar de kapper!

 

In China breekt de Covid-19, het nieuwe coronavirus uit. Nieuw, omdat het een oud virus lijkt, dat gemuteerd is. Er wordt in het begin wat lacherig over gedaan en er worden eerst grapjes over gemaakt. Het virus blijkt in flink wat aantallen dodelijk en zou een pandamie kunnen veroorzaken. Best wel gevaarlijk dus! En net als bij elke gevaarlijke situatie blijkt het ontkennen van het gevaar een primaire reactie van ons mensen: “Wij hebben het niet! Het is maar een griepje. Fake news”, roepen de wereldleiders eerst. Maar als Boris Johnson, de leider van Groot Brittannië zelf bijna het loodje legt, piepen ze wel anders.

Persoonlijk denk ik:”Jongens, de wetenschappers waarschuwt al jaren, dat er een virus zal gaan uitbreken. En als wij de aarde zo ontbossen en slopen en zo onder druk zetten, dan zal Moeder Aarde ons een halt zal toeroepen. En dit gebeurt nu. Dat is logisch.”

 

Er zijn films die over virussen gaan. Vreemd uitgebroken virussen, of zelfs gekweekte virussen. Mijn fantasie slaat aan, maar nog niet op hol. Maar zou het daar iets mee te maken kunnen hebben? Corona trekt alle registers open. Angst en achterdocht wordt volop aangewakkerd. Maar ook schaamte, want bij elk pijntje in mijn keel, of druppel aan mijn neus word ik eraan herinnerd. Zou ik het hebben? En de media heeft een rol in. Ze doen goed werk, maar elke dag, elk uur gaat het erover. Ik kijk het nieuws dus 1 keer per dag en niet meer. Daarmee bescherm ik mij.

Ondertussen komt mijn zoon terug uit Australië, omdat terugkeer uiteindelijk de beste oplossing blijkt.

 

En ik denk ook:”Wie ken ik persoonlijk? Die aan het strijden voor zijn leven? Als 1 op de 100 mensen het krijgt dan ken ik toch minimaal 2 mensen? En inmiddels ken ik er één. En dan schrik ik wel.

De wereld lijkt nu stil te staan. Geen vliegtuigen, minder files en meer frisse lucht. Het lijkt nu dus de tijd, om daadwerkelijk wat aan ons gedrag te gaan doen, zodanig dat we op een minder grote voet gaan leven. We moeten nu toch al anders. Maar aan de andere kant zie ik dat het zo niet werkt. De bouwmarkten hebben het drukker dan ooit. “Geen vakantie? Dan maar klussen”, zal er gedacht worden.

Ik werk nu vanuit huis en heb gesprekken via Skype en persoonlijk vind ik het niet fijn om zo mijn werk te moeten doen, want het tast mijn geloof in mijn werk aan. Maar ik werk nog. En dan is het fijn dat ik in een dorp woon en niet in een flat.

Maar hoe nu verder? Ik loop met een ongeknipte kop haar rond, want niemand mag aan mijn haren komen, behalve een kapper. En die verdient al niet veel aan mij. Maar wat moeten ondernemers nu die noodgedwongen hun gereedschap moeten laten vallen? En vooral hoe moet dat verder? Hun investering en mogelijk levenswerk loopt mogelijk op de klippen.

Vooral het besef van een goede woning wordt helder; is er voldoende ruimte, kun jij je voldoende ontspannen? Hebben de kinderen voldoende ruimte en houden we nog voldoende van elkaar, zodat we elkaar kunnen verdragen?

Maar ook dichterbij:

Kan ik mijn moeder en schoonmoeder nog voldoende gedag zeggen? Of mijn zoon en zijn vriendin die net in een andere woning zijn ingetrokken? Vele vragen waarop de antwoorden komen via Facetime, Skype, Webex, Zoom, WhatsApp en natuurlijk gewoon bellen.

En hoe gaat het met de persoon die nu aan de beademing ligt? Het is beangstigend, beperkend en voelt gevangen soms. En toch staat de wereld niet  stil… ze draait anders. En we moeten verder… Op een kleinere voet… Rekening houdend met elkaar. Liefdevoller op anderhalve meter. Met oog voor de natuur, want wat fluiten die vogels mooi als het stiller is… voor Moeder Aarde.  Stay safe!

Bert Marissen

 

 

1 Reactie
  • Grietje
    Geplaatst op 12:50h, 01 mei Beantwoorden

    ha, iedereen wil naar de kapper. We worden nu echt een stel woeste krijgers met staarten en vlechten!

    Blijf gezond! Het allerbelangrijkste!

Geef een reactie